Filipijnen, Luzon: december 1998

2 december 2018:  deze week precies twintig jaar geleden reisde ik door en over Luzon, het noordelijkste en grootste eiland van de Filipijnen. Vanaf de hoofdstad Manila met de bus naar het op 1.800 meter hoogte gelegen Baguio, een stad met driehonderd duizend inwoners. En vandaar -na twee dagen- richting Bontoc, de hoofdstad van de Mountain Province en vernoemd naar de gelijknamige Bontoc stammen. Een rit met prachtige vergezichten over landbouw- en bosgebieden.

5 december 1998: Baguio, Luzon, Filipijnen (foto: René Hoeflaak)

Banaue

Vanuit Bontoc voerde deze BAOBAB groepsreis verder die week naar Banaue. Een gebied met schitterende rijstterrassen en thuisbasis van het Ifaguo volk. De tweeduizend jaar oude rijstterrassen van Banaue worden ook wel het achtste wereldwonder genoemd. In 1995 werden de rijstterrassen door de UNESCO op de Werelderfgoedlijst geplaatst.De totale lengte van de rijstterrassen bij Banaue wordt geschat op twintigduizend kilometer.

Filipijnen, Luzon, Mountain Province , 6 december 1998 (foto: René Hoeflaak)

Hoogtevrees 

Banaue was in aan het einde van die eerste decemberweek in 1998 ook het startpunt van drie dagen lange voettocht over en langs die rijstvelden, door nevelbossen en dorpjes die alleen te voet kunnen worden bereikt. Als de dag van gisteren herinner ik mij nog hoe ik op de metershoge smalle kleien muren langs de rijstvelden werd geconfronteerd met mijn hoogtevrees en hoe die angst de schoonheid van de omgeving overwon. Van genieten was geen sprake. Aan hand van mijn reisgenoten wandelde ik stapvoets van rijstveld naar rijstveld. Van dorpje naar dorpje.

Filipijnen, dorpje in Banaue, 9 december 1998. vanaf de tweede etage in het huisje in het midden verloor ik mijn bril  (foto: René Hoeflaak)

Sprinkhaan en bril 

Groot was dan ook de ontlading en dubbel het genot als ik ‘s avonds  onder het maanlicht op onze slaapplaats ergens in een verlaten dorpje samen met lokale bewoners een fles bier (of 2) dronk, mijn praatjes weer terugkreeg en een kaartje legde met reisgenoten. Vooral het moment waarop ik ’s avonds  – bij kaarslicht- tijdens z’n kaartmoment een sprinkhaan van mijn gezicht sloeg en hoe daarbij per ongeluk ook mijn bril in de duisternis en de meters lager gelegen struiken en diepte verdween, zal ik nooit meer vergeten.

Hanen kraaien

Vooral niet omdat door mijn ‘verdwenen’ bril het vrijwel gehele dorpje (enkele tientallen bewoners) ontwaakte voor een zoektocht naar mijn bril.  Aggregaten en lampen gingen weer aan, de hanen begonnen weer te kraaien en kinderen en volwassenen werden ingezet voor de zoekactie. Met succes. Ik zie nog voor mij hoe een jongetje van een jaar of twaalf trots mijn bril in de struiken vond en als een ‘trofee’ naar boven bracht. Een prestatie die ik beloonde met een colaatje en een rondje voor zo’n beetje het halve dorp. Het bleef nog lang onrustig. Daar in Banaue, eind vorige eeuw.

8 december 1998. dorpje in Banaue, Filipijnen (foto: René Hoeflaak)