Vietnam

Januari 2013; President Barack Obama is druk bezig zijn nieuwe ministersploeg samen te stellen. Als Minister van Defensie werd deze week Chuck Hagel genoemd. Voor de post van Buitenlandse zaken gonst al weken de naam van John Kerry. Hagel en Kerry zijn beiden oud Vietnam-veteranen. Beide heren staan bekend om hun terughoudendheid waar het gaat om het inzetten van het Amerikaanse leger in verre oorden. “Want Chuck Hagel weet wat het is om jonge Amerikanen op erop uit te sturen om te vechten en te bloeden in de drek” zo citeert de Volkskrant vandaag de president. Ik voel met Hagel mee. Snel zal duidelijk zijn waarom.

Vietnam, 4 januari 1995: Hiền Lương bruggen. Tot 1975 de grensbrug tussen Noord- en Zuid Vietnam (foto: René Hoeflaak)

Vietnam, 4 januari 1995: Hiền Lương brug. Tot 1975 de grensbrug tussen Noord- en Zuid Vietnam (foto: René Hoeflaak)

Januari, Vietnam, jong en bloed. Voor mij persoonlijk denk ik dan terug aan mijn eigen Vietnamtijd. Maar dan in de winter van 1995. Erop uitgestuurd door mijzelf huur ik op rondreis door Vietnam op Eerste Kerstdag 1994 een fiets bij het Vien Dong Hotel in Nha Trang, een stad van ruim vijfhonderd duizend inwoners. Vietnam en toeristen moeten nog aan elkaar wennen. De grenzen  zijn nog maar net open. Die onwennigheid geld ook voor de Vietnamese fiets. Op een licht stijgend stukje vals plat (6e categorie) zet ik aan voor een demarrage die nooit een demarrage wordt. Mijn trapper breekt. Een smak op het asfalt is mijn deel. Met een gapende vleeswond op mijn linkerknie, een bebloed gezicht en geschaafde ledematen stap ik twee minuten later achterop een brommer. Op weg naar wat later een soort van huisartsenpost zal blijken. Twee giechelende verpleegsters met kapjes voor de mond beperken de eerste hulp terplekke tot het plakken van een minipleistertje. Hansaplast light!!Verdere behandeling van een Westers toerist durfen ze toch niet aan. Eénmaal in het hotel aangekomen kijkt het personeel mij aan met een blik van “wij zijn hier wel wat meer bloed gewend”.  Even later lig ik in mijn hotelkamer. Ver van huis. Spijt van de demarrage. Met dagelijkse verzorging van medereizigers van de BAOBABgroep vervolg ik mijn reis door Vietnam. Van Qui Non, Kontum, Hoi An (oud en nieuw) strompel ik van 1994 naar 1995 en van Zuid naar Noord Vietnam. Met pijn in vooral mijn knie en een rusteloze wond hink ik door Hue van tempel naar tempel en een dovenrestuarant, reis ik verder naar Vinh, Ninh Binh en bezoek ik de wonderdokter en de dorpoudste van het bergdorp Mai Chau. Op mijn 31e verjaardag, in de bus naar Halong Bay, begin ik hevig te trillen en krijg ik een koortsaanval. De rekening voor een moegestreden open wond van twee weken

Het had erger kunnen aflopen

Rekening Viet Duc ziekenhuis (bron: archief René Hoeflaak)
Rekening Viet Duc ziekenhuis (bron: archief René Hoeflaak)

Vier uur later lig ik in een kille behandelkamer in het Viet Duc ziekenhuis in Hanoi en weer twee uur later op een kamer op de tweede etage van het Van Xuan Hotel. Op mijn nachtkastje een gezinsdoos antibiotica. Het juiste middel en de juiste kuur op de juiste plaats. Levenreddend? Want na twee dagen – vandaag achttien jaar geleden- stap ik achterop een fietstaxi. Hop On Hop Off anno 1994 door Hanoi. Ik bezoek het Hoan Kiem meer, de oevers van de Rode Rivier, koop voor één Amerikaanse dollar een vracht aan CD’s en stop op het plein voor het mausoleum van Ho Chi Minh. Uitgerekend aan het einde van de kuur keer ik terug naar Nederland. Alsof er niets aan de hand is. “Het had erger kunnen aflopen“, zo diagnoseert mijn huisarts in Nederland de situatie – een sepsis- achteraf. Dat geldt ook voor Hagel en Kerry. Ik weet wat ze bedoelen. We begrijpen elkaar. De inauguratie van Obama is op 21 januari.

Vietnam, Hanoi,12 januari 1995: Hoc Chi Minh Mausoleum (foto: René Hoeflaak)

Vietnam, Hanoi,12 januari 1995: Het Ho Chi Minh Mausoleum aan het plein Quang Truong Ba Dinh. De communistische leider (1890-1969) en eerste president van het onafhankelijke Noord-Vietnam ligt hier tegen zijn zin vanaf 1975 opgebaard. Hij wilde eigenlijk liever gecremeerd worden. (foto: René Hoeflaak)