Hoe toevallig was de komst van Duitse zusters naar Weert?

Eind november stond ik in Weert -toevallig-  voor het voormalige klooster van de Ursulinen zusters. De komst van de zusters in 1872 vanuit Duitsland naar Weert was volgens onderzoekers  ‘een toevalstreffer’ .  Ik dook in het boeiende verhaal achter de toevalstreffer. Een verhaal met wanhoop, deadlines en een drinkende koetsier.   

Min of meer bij toeval overnachtten wij eind november in het centrum van het Limburgse  Weert. Een van de gebouwen die mij direct opvielen was een wit pand aan de Langstraat. Gebouwd in 1706.  Met links boven de  gevel de grote bruine letters ´Klooster’ en rechts ‘ Grand Cafe´.  Beiden zijn niet van toepassing. Althans op dit moment. Dat wekte mijn nieuwsgierigheid op.     

Weert, 29 november 2024: Langstraat (foto: René Hoeflaak)

Ursulinen zusters en Von Bismarck

Volgens de tekst van de twee plaquettes op de gevel gaat het hier om een voormalig klooster – tot 1989- van de Ursulinen zusters.  Met alleen die mededeling doe je de historie van het pand en die van de zusters wat mij betreft tekort. Want de geschiedenis van het gebouw, het ontstaan van het klooster en de komst van de Ursulinen zusters vanuit Duitsland geeft een aardige inzicht in de Duitse-, Belgische en Nederlandse moderne geschiedenis.

Aanleiding voor de verhuizing van Duitsland naar Weert was namelijk de godsdienststrijd in Duitsland in 1872. In dat jaar was Otto von Bismarck Rijkskanselier – regeringsleider- van het Duitse Rijk. Hij en zijn protestantse regering vreesde en wantrouwde de Katholieke kerk en haar aanhangers en namen in mei 1872 een aantal anti-katholieke maatregelen zoals de sluiting van alle kloosters binnen vier jaar. Volgens Von Bismarck  ‘een preventieve maatregel om een oorlog te voorkomen’.  Waar hebben we dat meer gehoord?

Weert, 29 november 2024 (foto: René Hoeflaak)

Brescia en Dorsten

En dus waren ook de zusters van het tweehonderd jaar oude klooster van de kloosterorde van Ursulinen (opgericht in Brescia in 1535)  in Dorsten, Westfalen genoodzaakt een onderkomen in het buitenland te zoeken. Ten einde raad en onder tijdsdruk plaatsten de zusters in 1875 een advertentie voor een geschikte locatie in enkele grote Nederlandse dagbladen. Volgens een artikel van de Stichting Historisch Onderzoek Weert leverde die advertentie honderden aanbiedingen van locaties op. Omdat niet iedere locatie een match opleverde en er geen tijd was om alle aanbiedingen te bezoeken, begon de tijd te dringen. Want op 1 april 1876 moesten alle Duitse kloosters dicht zijn.

Uitgerekend in diezelfde periode kocht de toenmalige deken en latere bisschop Boermans van Roermond een hoekhuis aan de Langstraat, op dat moment bewoond door een gezin met acht kinderen, met als doel er een school van te maken. Een ideaal gebouw met veel ruimtes en uitbreidingsmogelijkheden.  In de koopakte was bedongen het pand op 10 maart 1876 geheel ontruimd moest zijn en dat de bewoners van omliggende huisjes moesten vertrekken na het verstrijken van de huurtermijn.

Weert, Langstraat 20, 29 november 2024 (foto: René Hoeflaak)

Dronken koetsier en dienstmeisjes

De deken zocht echter nog wel naar zusters voor de school. Dus ook zijn tijd begon te dringen. Net dus als voor de Duitse zusters, enkele weken voor de deadline van 1 april 1876. En dus vonden de latere bisschop en de zusters elkaar.  Een toevalstreffer.  Of moest het gewoon zo zijn? Of was het een samenloop van omstandigheden? Of allebei?

En dus en zo arriveerden  op 21 maart 1876 de eerste Ursulinde zusters met dienstmeisjes in Weert. Vanuit het Duitse Dorsten met de trein naar Roermond en aldaar met de koets richting Weert. Een rit die boekdelen doet spreken. Want volgens de Stichting Historisch Onderzoek Weert stopte de koetsier onderweg bij elk café voor een versnapering. 

Weert, 29 november 2024 (foto: René Hoeflaak)

De eerste week logeerden enkele zusters en dienstmeisjes bij deken Boermans thuis.  In de tussentijd werd het pand aan de Langstraat opgeknapt en ingericht als klooster en school en begonnen de zusters met les geven. Op 7 juli 1876 ging het eigendom van het pand voor een bedrag van 11.000 gulden definitief over van rentmeester Coenegracht  naar de zusters. Drie maanden later startten ze er een lagere school.

Louis van Beerenbroek

Het pand was in het begin van de 19e eeuw overigens eigendom van niemand minder dan Louis Beerenbroek. Wie wel eens een boek heeft gelezen over de scheiding tussen Nederland en België kent hem vast. Hij was een van de bekendste voorstanders van afscheiding van Nederland en was burgemeester van Weert in de negen jaar (1830-1839) dat Limburg een Belgische provincie was.

Station Weert, 30 november 2024 (foto: René Hoeflaak)

De zusters vertrokken in 1989. Het pand kreeg een horecabestemming, onder meer onder namen als  Grand Cafe de Poorter en als laatst ‘het Klooster’.  De eigenaren daarvan stopten er van de ene op andere dag mee, zo las ik in het het zakenblad. Het pand staat nu te huur. Zoekonderwerp ‘Grand Cafe het Klooster’ levert niets meer op dan ‘permanent gesloten’ . Met rode letters.  Jammer. De koetsier van de zusters was er vast en zeker gestopt. Net als ik.  

NB: lees hier mijn eerdere verhaal over Weert in 2013.

2 replies

  1. Het is jammer dat de horecagelegenheid gesloten is, want het had een prima terras in de oude kloostertuin. Het klooster en het klooster/scholen liepen van de hoek tot de singel (enorm gebouw). Het betrof een Mulo (later Mavo), een lagere school en een school voor moeilijk lerende kinderen. Ik heb er de Mavo gevolgd na een jaar brugklas op een andere school en was als niet katholiek meisje van harte welkom bij mère Laurentia. Ik had er een heerlijke tijd. Weert kent trouwens meerdere kloosters, waarvan enkele ook onderwijs geven. De ‘paters op de Biest'(Minderbroeders-Franciscanen) gaven ook les (ook bij de nonnen, heel modern). De ‘paters van de Heilige Geest’, missionarissen, gaven aan de jongens les. Pensionaat ‘St. Louis’ en het ‘Bisschoppelijk College’ (1648) werden ook door priesters geleid.
    Het ‘klooster van de Birgitinessen’ in de Maasstraat neemt een aparte plaats in. Zij mochten vroeger geen contact hebben met de mensen, maar deden veel stopwerk van kleding. Voor de bewezen diensten mocht je een gift geven. Zij luidden de klok van de kapel, om aan te geven dat zij al een tijd niet gegeten hadden. Dan brachten de inwoners van de binnenstad eten. Als zij het ziekenhuis moesten bezoeken, waren ze gesluierd en liep er iemand met een klok voor de zuster te luiden, zodat de mensen zich om konden draaien. Nu zie je ze in de stad lopen en kun je hun tuin ook bezoeken.
    In het ‘St. Jansgasthuis’ (ziekenhuis) werkten de ‘zusters van liefde’ tot de jaren ’70.
    Ik ben geboren in Weert en kwam er tot 2021 iedere week.

    Geliked door 1 persoon

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *