Hiroshima

Hiroshima, 13 augustus 2001: Eén van de drie klokken op het Peace Memorial Park (foto: René Hoeflaak)

Hiroshima, 13 augustus 2001: één van de drie klokken op het Peace Memorial Park (foto: René Hoeflaak)

Augustus 2014: In de Volkskrant van vandaag staat een interessant artikel van Mark van den Tempel over treinreizen door Japan. Dat brengt mij op het schrijven van deze blog. Want vandaag dertien jaar geleden reisde ik op het Japanse eiland Kyushu met de trein van Aso naar Nagasaki. En net als voor Van den Tempel was het boemeltreintje ook voor mij een omschakeling na dagenlang reizen in de luxe en snelle Shinkansen hogesnelheidstrein. Drie weken lang reisde ik in augustus 2001 met de trein door Japan. Een onvergetelijke reiservaring in een ongrijpbaar en wellicht daarom indrukwekkend land.

 In de stad Nagasaki verbleef ik enkele dagen in een ryokan, een traditioneel Japans hotel. De ryokan lag op een steenworp afstand van het kraterplein waarboven 56 jaar eerder, op 9 augustus 1945, de tweede Amerikaanse atoombom explodeerde.  De kleurrijke bloemen van de herdenkingsceremonie enkele dagen eerder lagen nog redelijk vers rondom het herdenkingsmonument.

6 augustus 1945

Hiroshima, Japan, 13 augustus 2014: Peace flame (foto: René Hoeflaak)

Hiroshima, Japan, 13 augustus 2001: Peace flame (foto: René Hoeflaak)

Bij de atoombomaanval op Nagasaki vielen 39 duizend doden waaronder enkele Nederlanders. Een niet te bevatten aantal. En dat drie dagen na de eerste Amerikaanse atoombomaanval op het noordelijker gelegen Hiroshima. Met de trein reisde ik van Nagasaki naar Hiroshima. Een reis tussen twee steden met allebei hetzelfde kraterdiepe litteken. Bij de explosie van de eerste atoombom op 6 augustus 1945 vonden in één klap 78 duizend inwoners van Hiroshima de dood. Bijna hetzelfde aantal indirect in periode daarna. 

Niet te bevatten

Het aantal slachtoffers in Nagasaki noemde ik niet te bevatten. Voor het aantal in Hiroshima heb ik geen woorden. Op de plek waar de bom insloeg is nu het Peace Memorial Park. Een omvangrijk en groen stadspark op een landtong in het hartje van het centrum. Iedere ochtend om 08.15 – het tijdstip van de inslag- kan je in het park nog steeds de klok horen luiden. Ik sliep in een ryokan met de naam Minshuku Ikedaya, zo lees ik in mijn fotoplakboek. Want 2001 was zo’n beetje het einde van het plakboektijdperk. De ryokan lag en ligt nog steeds aan de Dohashicho, in mijn herinneringen een smal en sfeerloos achterafstraatje op vijf minuten lopen van het Peace Park. 

Waarom?

De dagelijks doorsteken over het kraterpark en langs de fakkelvlam van het Peacemonument richting het kloppende hart en uitgaanscentrum van Hiroshima vergeet ik nooit meer. Vooral die van de weg terug naar mijn slaapplaats. Die bij zonsondergang of ver daarna. Drie, vier avonden beleefde ik hier telkens opnieuw mijn eigen en intense ‘Ground zero’ moment en telkens weer stelde ik dezelfde vraag. ‘Waarom?’ Het was vier weken voor 9/11. Ground Zero bestond nog niet. Hoe vaak moet ik nog om ‘waarom’ vragen? En waarom?  En waarom steeds meer en vaker?

Japan, Hiroshima, 13 augustus 1945: ruïne van het voormalige Hiroshima Prefectural Promotion Hall, één van de weinige bouwwerken dat nog (gedeeltelijk) overiend stond in het cenbtrum van Hiroshima na de inslag van de atoombom (foto: René Hoeflaak)

Japan, Hiroshima, 13 augustus 2001: ruïne van het voormalige Hiroshima Prefectural Promotion Hall, één van de weinige bouwwerken dat nog (gedeeltelijk) overeind stond in het centrum van Hiroshima na de inslag van de atoombom (foto: René Hoeflaak)